
van mesdagkliniek, groningen
De behandelduur van TBS-patiënten loopt op.
Lange tijd gold dat een TBS’er gemiddeld zes jaar onder dwang in een gesloten kliniek werd verpleegd.
Dat is nu gemiddeld negen jaar.
Terughoudendheid, ingegeven door angst voor incidenten, bij beslissers over het verlenen van verloven aan patiënten wordt als de belangrijkste oorzaak gezien.
Omdat minder patiënten hun TBS-status kwijtraken, dreigt het systeem langzaam maar zeker dicht te slibben.
‘Als we zo doorgaan, is het einde van de TBS in zicht’, zegt de in TBS gespecialiseerde advocaat Niek Heidanus uit Groningen.
Hij staat tientallen TBS’ers bij.
Heidanus: ‘We zijn bezig iets kapot te maken wat we eigenlijk in het belang van een veiliger samenleving zouden moeten koesteren.’
Er wordt op safe gespeeld.
Door een klein aantal incidenten rond TBS‘ers op proefverlof zijn klinieken extra voorzichtig geworden.
Datzelfde geldt voor het college dat de minister van justitie adviseert over het verlenen van verloven.
Druk vanuit de politiek en de samenleving maakt dat beslissers vaker dan voorheen verlof weigeren. Volgens Heidanus verliest het in het buitenland geroemde Nederlandse TBS-systeem langzaam maar zeker draagvlak.
Begin volgende maand wordt op initiatief van het Adviescollege Verloftoetsing TBS een seminar gehouden voor alle betrokkenen bij de TBS om de problematiek te bespreken.
Volgens het college is de toegenomen behandelduur op dit moment het belangrijkste probleem. Het college stelt dat de TBS zelf niet ter discussie staat.
Het verlof, al dan niet onder begeleiding, is een wezenlijk onderdeel van de behandeling die is gericht een patiënt veilig in de samenleving te laten terugkeren. Zonder verloven is resocialisatie onmogelijk.
Het probleem uit zich ook in de rechtszalen.
Advocaten adviseren verdachten steeds vaker niet mee te werken aan psychiatrisch en psychologisch onderzoek om op die manier onder een veroordeling tot de dwangverpleging uit te komen.
Verdachten nemen dan (de kans op) een langere gevangenisstraf voor lief.
Ook rechters kennen de problematiek en zijn volgens Heidanus kritischer en terughoudender geworden.
Volgens Heidanus leggen rechters momenteel in vergelijking met een paar jaar geleden twintig tot 25 procent minder TBS-maatregelen op.
De TBS is niet alleen verre van populair in de samenleving, ook verdachten moeten er weinig van hebben.
Wie met een kale gevangenisstraf de cel ingaat, kent de datum van de dag dat hij vrij zal komen.
Met een TBS is de toekomst meer dan ooit zeer ongewis.
In de rechtbank van Groningen stond vorige maand een 28-jarige verdachte terecht wegens een poging tot moord.
Justitie overwoog TBS te eisen om de samenleving tegen de man te beschermen.
De verdachte weigerde op advies van zijn advocaat steevast met psychiaters en psychologen te praten. Tegen de rechters zei hij liever twaalf jaar cel te krijgen dan een veel lagere straf in combinatie met de dwangverpleging.
Omdat niet vastgesteld kon worden of hij een stoornis had – een voorwaarde om TBS op te kunnen leggen – eiste justitie uiteindelijk vijf jaar celstraf.
De rechtbank nam de eis tot tevredenheid van de verdachte over.
Over een jaar of drie komt hij vrij.
Nu de duur van de dwangbehandeling toeneemt, neemt de kans ook toe dat een verdachte die wel lijdt aan een stoornis de TBS-dans ontspringt en zonder behandeling op vrije voeten komt.

dvhn / zaterdag 24 oktober
Advocaat Heidanus stelt dat de in zijn ogen doorgeschoten strengheid rond het verlof uiteindelijk zal leiden tot meer onveiligheid.
‘Bij ieder incident met een TBS’er wordt de minister naar de Tweede Kamer geroepen om zich te verantwoorden. En ieder incident leidde tot meer ondoordachte maatregelen. Het is paniekvoetbal en dat zal averechts werken.’
Volgens Heidanus blijven de successen van het TBS-systeem, ook door onjuiste berichtgeving in de media, onzichtbaar. Veel politici laten de oren hangen naar gemor in de samenleving waardoor een vertekend beeld is ontstaan van de TBS.
Heindaus: ‘Het politieke debat over de TBS is in handen van de tegenstanders.’
Rob Zijlstra
bovenstaand artikel is zaterdag (24 oktober 2009) gepubliceerd in Dagblad van het Noorden





